Op 9 april 2019 deelde de staatssecretaris van infrastructuur en waterstaat met de Tweede Kamer een memo van het RIVM van 4 maart 2019 met de titel “Overzicht van risicogrenzen voor PFOS, PFOA en GenX ten behoeve van een tijdelijk handelingskader voor het toepassen van grond en baggerspecie op of in de landbodem” (067/2019 DMG/BL/AW).
De relevantie voor de agrarische praktijk was daarmee meteen gegeven. In haar begeleidende brief van die datum meldt de staatssecretaris dat zij wenst te komen tot een tijdelijk handelingskader om de afzet van grond en baggerspecie die met de hiervoor genoemde stoffen (samen PFAS) zijn besmet, mogelijk te maken. Deze brief had meteen tot effect dat partijkeuringen in het kader van het Besluit en de Regeling bodemkwaliteit van grond en baggerspecie werden aangehouden, totdat dat tijdelijk handelingskader duidelijk was. Het memo van het RIVM bood namelijk weinig hoop op een ruim handelingskader.
Het stilvallen van de partijkeuringen leidde toen tot forse problemen bij de aanleg van infrastructurele werken en woningbouw, omdat de aanvoer van grond en baggerspecie grotendeels kwam stil te liggen. Zodra immers PFAS werden aangetroffen in een partij grond of baggerspecie, liep de partijkeuring vast. Het eerste tijdelijk handelingskader zag in juli 2019 het licht. Op 13 november 2019 volgde een aangepast (ruimer) tijdelijk handelingskader.
Lees het volledige artikel via deze link.
Meer informatie
Indien u vragen heeft aan de hand van bovenstaand artikel, neem dan contact op met onze specialist Gert-Jan de Jager (gj@kneppelhout.nl)




